Christopher Nolan, een archetype kunstenaar?

Deel 2

Filmregisseur Christopher Nolan spiegelt zich met The Odyssey (2026), de vertolking van het epische gedicht van Homerus, aan de grootsten uit onze kunstgeschiedenis. Maar is hij zelf ook een van de grootsten? Bestaat er zoiets als archetype kunstenaars en, zo ja, waar moeten die dan aan voldoen? Deel 2 in mijn onderzoek. Lees deel 1 hier. Of hier.

Kijk je naar de allergrootsten als Leonardo da Vinci, Ludwig van Beethoven, Fjodor Dostojevski, Friedrich Nietzsche, Pablo Picasso, dan hebben ze allemaal overeenkomsten. Ze hadden allemaal een publiek, dat is één, anders waren ze niet bekend geweest. En twee is dat geluk een factor heeft gespeeld, want ze hebben allemaal de ruimte gehad om hun kunst of ideeën tot uiting te brengen. Hier is monetaire onafhankelijkheid belangrijk. Iemand die krom moeten liggen om rond te komen heeft niet altijd de puf om ook nog kunst te maken, uitzonderingen daargelaten. Maar een podium en monetaire middelen staan niet gelijk aan een ‘waar kunstenaar’. Kijk je naar outsider kunst dan blijkt het kunstenaarschap ook een innerlijke noodzaak te hebben, te vergelijken met ademhalen. Waarschijnlijk zijn er zat kunstenaars die in hun leven buiten de spotlight zijn gebleven, met Vincent van Gogh als tekenend voorbeeld natuurlijk. In The Odyssey worden de in lompen gehulde bedelaars door Telemachus toegelaten tot het paleis. De minners willen ze echter niet toelaten. Als reactie op de minners zegt Telemachus: 'Laat ze toe. Je weet nooit of een bedelaar toch een godheid blijkt te zijn.'

Richard Westall, Telemachus Landing on the Isle of Calypso

Zijn er grenzen als kunstenaar om uit de duisternis in het licht te komen? Moet je alles overhebben voor de kunst? En moet er iets op het spel staan? Stelios Arcadiou (kunstenaarsnaam Stelarc) liet een oorschelp implanteren op zijn arm en verbindt die met het internet waardoor mensen kunnen meeluisteren in zijn dagelijks leven. Kunstenaar Ai Wei Wei maakt kritische kunst over zijn vaderland China en riskeert daarmee gevangenschap en intimidatie. Maar ook filmmaker Andrej Tarkovsky zocht het extreme op door bij zijn film Stalker (1979) te kiezen voor filmlocaties die vervuild en giftig waren. Hierdoor heeft hij zijn eigen leven en die van zijn crewleden in gevaar gebracht: zijn cinematograaf overleed en meerdere leden, waaronder hijzelf, kregen er kanker door. Daarnaast had hij ook nog te maken met Sovjet censuur. Iets wat hij slim wist te omzeilen door te kiezen voor allegorieën in zijn films. Een bekende vorm tegen censuur: suggestiviteit. Russisch schrijver Daniil Charms koos er ook voor om het Socialistisch Realisme te ontwijken via suggestiviteit in zijn kunst. Hij schreef korte proza, gedichten en kinderverhalen bol van vervreemding en absurditeiten. Toch zijn deze sluiproutes geen sluitend antwoord geweest voor hem als maker want Charms is door de Sovjet overheid opgepakt en stierf in een Russische cel.

Onder een strengend regime leven staat niet gelijk aan het maken van de beste kunst, want veel grote kunstenaars hebben hun oeuvre in vrijheid gemaakt. Wat is dan een belangrijk aspect voor een archetype kunstenaar? Is het dan een uitzonderlijke stem of een eigen beeldtaal. Of alleen vernieuwende ideeën? Als je in de kunstgeschiedenis zoekt naar archetype kunstenaars dan zie je Jungs oerbeelden terugkomen in de Griekse oudheid waarin de kunst zelf als goddelijk werd gezien en de Muzen (de godinnen van kunst en wetenschap) de kunstenaars inspireerden, in de renaissance waar de kunstenaar een genie was (Michelangelo, Leonardo), de romantiek zag kunstenaars als sensibele ziener en in de moderne tijd wordt de kunstenaar als sociaal criticus gezien (denk aan Pablo Picasso, Andy Warhol, maar ook Banksy). Christopher Nolan maakte van The Odyssey een contemporaine vertelling: hij gaf acteurs met verschillende etnische achtergronden rollen op hoge posities die niet in die tijd zouden passen - identiteit is een hedendaags stijlfiguur. Ook laat hij Odysseus zeggen dat we de hand in eigen boezem moeten steken ten aanzien van onze wandaden: leiders zijn verblindt door macht en zien hun eigen monsterlijkheden niet meer. Een referentie naar hedendaagse autocraten is daarmee makkelijk te maken. Daarmee past hij in het plaatje van sociaal criticus. Ook met Oppenheimer wilde hij de discussie over het Manhattan Project aangaan en onze destructieve aard door nucleaire technologie. Toch is er iets dat schuurt om Nolan daarmee meteen een archetype kunstenaar te noemen, iemand die zich kan meten aan de groten. Komt het omdat hij vooral mainstream films maakt? Oké, misschien zijn ze niet allemaal makkelijk te volgen voor een gemiddelde kijker of zijn ze soms ronduit verwarrend (bijvoorbeeld Tenet uit 2020) maar er is bijna geen film waar niet een kogel is afgeschoten. Soms al binnen twee minuten sinds de filmaanvang (The Dark Knight uit 2008). Zou hij misschien meer arthousefilms moeten maken om echt tot de groten te behoren? Een film zonder bloedverlies? Meer als Interstellar, waar geen wapens worden afgevuurd? Of misschien een film die vooral op de dialoog leunt, zonder het te brengen met de grandeur van een blockbuster, zoals hij bij Oppenheimer doet - waarbij de bombastische soundtrack alles moet doordrenken van sublimiteit. Daarnaast: The Odyssey kostte 250 miljoen om te maken. Ben je een archetype kunstenaar als je dezelfde inkomsten hebt als een techbro? Zou hij zich wellicht wat meer als de goden in lompen moeten gedragen? Terug naar de kern? En wat minder moeten people-pleasen?
Duidelijk is: Christopher Nolan is een populair filmmaker met interessante ideeën. Daarbij is hij nog jong genoeg om zijn koers te verleggen. Misschien maakt hij zijn beste films op latere leeftijd. Zoals Katsushika Hokusai zijn bekendste houtdruk De Grote Golf van Kanagawa (1831) pas na zijn zeventigste maakte.